- Objectnummer08210
- TitelVaas ontworpen en beschilderd door H.L.A. Breetvelt.
- VervaardigerBreetvelt, Henri (ontwerper), GoudaZuid-Holland, N.V. Plateelbakkerij (fabriek), Gouda
- Datum
1916 - 1923
- Beschrijving
Vaas ontworpen en beschilderd door H.L.A. Breetvelt. Met de kleuren: geel, wit, okergeel, licht en donkergroen, bruin, mosgroen, blauw, zwart.
- Nu te zien in het museum
- Soort object
- CollectieGouds plateel
- Trefwoordensieraardewerk
- Materiaal
- Techniek
- Formaat
- vaas hoogte: 41.30 cm
vaas diameter inclusief: 31.00 cm
mond diameter: 11.10 cm
voet diameter: 14.10 cm - Opschrift(en)
- soortmerk
- positieonderkant
- inhoudZuid-Holland Gouda met Lazaruspoortje
- beschrijvinggeschilderd in blauw
- soortmodelnummer
- positieonderkant
- inhoud1218
- soortsignatuur
- positieonderkant
- inhoudBreetvelt
- beschrijvinggeschilderd in blauw
- Tentoonstelling(en)Henri Breetvelt. Eigenzinnige ontwerper.2024-02-29 / 2024-06-09Museum Gouda
- LiteratuurHenri Breetvelt. Koning der Plateelschilders.Vogels, J.J.
- Documentatie
Artikel in de reeks 'Kunst uit de kelder', verschenen in Trouw op 4 oktober 2011 (met lezersaanbieding): De kunstredactie van Trouw vraagt een aantal musea om een bijzonder kunstwerk uit het depot te halen, dat nog nooit of lange tijd niet te zien was voor het publiek. In deze aflevering de keuze van MuseumgoudA: een gehavende siervaas. Afdeling: keramiek Titel: amphoor (siervaas) Kunstenaar: Henri Breetvelt (1864-1923) Datering: circa 1920 Hoogte: 41,3 cm Verwervingsinformatie: legaat Rob Hageman (1987) Depotnummer: 08120 Zo karakteristiek: bobbelig en kleurig door Henny de Lange Van de hals is een stuk afgebroken. En er loopt een flinke scheur door de wand tot onder één van oren. Dat is de reden dat deze siervaas (amfoor) nog nooit het depot van MuseumgoudA in Gouda heeft verlaten. Doodzonde, vindt conservator Hans Vogels, want het is een prachtige vaas. “Een karakteristiek voorbeeld van het expressieve schilderwerk waarmee de plateelschilder Henri Breetvelt zo beroemd is geworden. Ondanks de beschadigingen zie ik het als een topstuk uit zijn oeuvre.” Het is niet toevallig dat het Goudse museum uitgerekend deze gehavende vaas uit de kelder heeft gehaald, vult directeur Gerard de Kleijn aan. Deze keuze zegt iets over de nieuwe weg die het museum wil inslaan en waarbij het zich nadrukkelijk wil concentreren op de drie kerncollecties: religieuze kunst, Gouds plateel en schilderijen van de Haagse school. De collecties hedendaagse kunst en speelgoed worden grotendeels afgestoten. Wel zal het werkl van kunstenaars uit de regio blijven volgen en exposeren. Volgens De Kleijn komen mensen niet meer voor hedendaagse kunst naar Gouda. Het zijn roerige tijden voor het museum, dat al tijden dik in de schulden zit. Toen daar dit jaar nog een flinke subsidiekorting van de gemeente bovenop kwam, moest in korte tijd een reddingsplan worden bedacht. Het museum besloot het schilderij 'The Schoolboys' van Marlene Dumas naar de veiling te brengen, waar het werd gekocht door een Aziatische verzamelaar. Met de opbrengst, bijna een miljoen euro, kon een faillissement worden afgewend. Maar het kwam het museum op een storm van protesten te staan uit de museumwereld, omdat De Kleijn het werk volgens de Leidraad Afstoting Museale Objecten (Lamo) eerst aan andere musea in Nederland had moeten aanbieden. Maar die hebben niet het geld om op korte termijn zo´n grote aankoop te doen, aldus De Kleijn. MuseumgoudA dreigt nu uit de Museumvereniging gezet te worden, maar de directeur hoopt dat deze gebeurtenis ook zal leiden tot een inhoudelijk debat over de Lamo, die werd opgesteld toen er van forse bezuinigingen op musea geen sprake was. Maar nu het verhaal van deze kapotte vaas, die al bijna 25 jaar in het depot stond. Ook sommige medewerkers van het museum hadden hem nog nooit gezien. Het museum kreeg de vaas in 1987 als onderdeel van de nalatenschap van de Haagse verzamelaar Rob Hageman, die het jaar ervoor plotseling was overleden. Zo’n duizend stuks keramiek, waarvan lang niet alles in goede staat, liet hij na. Hageman verzamelde alles wat te maken had met de NV Plateelbakkerij Zuid-Holland in Gouda, die van 1898 tot 1965 heeft bestaan. Over de geschiedenis van deze fabriek is weinig bewaard gebleven, omdat na het faillissement alle archieven zijn vernietigd. De eigenaren wilden daarmee voorkomen dat bedrijfsgeheimen terecht zouden komen bij concurrerende fabrieken. De boedel werd verkocht op een veiling, maar maar veel belangstelling was er niet. Conservator Hans Vogels: “In de jaren zestig waren art nouveau en art deco niet populair. Dat kwam pas in de jaren zeventig. Het is aan Rob Hageman te danken dat er toch veel bewaard is gebleven uit deze fabriek. Hij had zich voorgenomen om van alle objecten die daar waren geproduceerd, één voorbeeld te verzamelen. En zijn speciale belangstelling ging daarbij uit naar alles wat de plateelschilder Henri Breetvelt had gemaakt.” Het werk van Breetvelt sprong er ook echt uit, vertelt de conservator. Niet voor niets werd hij de Koning der Plateelschilders genoemd en onder die titel werd in 2007 in het Goudse museum ook een grote tentoonstelling gewijd aan Breetvelt. Deze vaas was daar overigens niet te zien. In de periode 1916 tot 1923 werkte hij nog figuratief, vooral bloemen en planten, maar daarna durfde hij steeds meer en ging hij ook steeds abstracter werken. Hij mengde ook kleuren, wat niet gebruikelijk was. Deze vaas is een mooi voorbeeld van die expressieve werkwijze. Waar andere plateelschilders alleen maar vaste patronen inkleurden, zette hij zelf met krijt en potlood de motieven uit op vazen en schotels. Hij had een goed oog voor kleuren en durfde die ook te mengen, wat risico’s inhield, aangezien keramische verf van kleur verandert bij het bakken in de oven. Maar Breetvelt schuwde het experiment niet met als resultaat dat zijn kleuren altijd anders en vaak feller waren. Bovendien werkte hij behoorlijk pasteus, vertelt Vogels, wat je ook afziet aan deze vaas. Hij smeerde er zulke dikke lagen verf op, dat die tijdens het bakken in de oven soms gingen koken, waardoor er bobbeltjes ontstonden. Deze vaas is ook vrij bobbelig en dat maakt hem ook weer zo karakteristiek voor het werk van Breetvelt. Breetvelt was rond 1885 opgeleid in Delft waar hij les kreeg van Adolf le Comte, die ook werkzaam was bij De Porceleyne Fles. Hij begon zijn loopbaan bij de plateelfabriek Zuid-Holland in Gouda in 1900. Daarna vertrok hij naar Maastricht om bij de Société Céramique te gaan werken. Later stapte hij over naar porseleinfabriek De Kroon in Noordwijk. Toen dit bedrijf fabriek in 1910 failliet ging, werkte hij enige tijd voor zichzelf in Den Haag, maar in 1916 ging hij terug naar de plateelbakkerij Zuid-Holland. Daar kreeg hij zijn eigen atelier en alle vrijheid bij het ontwerpen en schilderen. Vanaf die tijd maakte hij vooral unica, die hij voorzag van zijn signatuur ‘Breetvelt’. Over zijn persoonlijke leven is weinig bekend. Breetvelt overleed in 1923, nog maar 59 jaar oud. Breetvelt dateerde zijn voorwerpen niet, maar het ligt voor de hand dat hij deze vaas rond 1920 heeft gemaakt, toen hij er lustig op los kon experimenteren. De vaas is uitgevoerd in matglazuur, wat betekent dat hij eerst is geglazuurd in de oven. Daarna heeft Breetvelt de schilderingen aangebracht op het nog niet helemaal uitgeharde glazuur. Vervolgens is de vaas nog een keer de oven ingegaan. Vogels: “De schildering ligt dus in feite op het glazuur. Bij glansglazuur wordt het voorwerp eerst beschilderd en gaat pas daarna het glazuur erover heen.” Het museum laat de vaas 20 november in gehavende staat zien. Daarna wordt hij gerestaureerd. Mede dank zij de verkoop van het schilderij van Marlene Dumas is er geld voor restauraties van stukken die soms al jarenlang in het depot liggen. Bovendien heeft de Vriendenvereniging van MuseumgoudA 5000 euro bijeengebracht voor het restaureren van kleine objecten. En deze vaas profiteert daar als eerste van. Daarna wordt de vaas opgenomen in de vaste presentatie van Gouds Plateel. Vogels: “Als één van onze topstukken. Want zo zien we hem wel, ook al zou hij bij verkoop na restauratie hooguit 2500 euro opbrengen.” Zou er ooit een tijd kunnen aanbreken dat het museum ook dit topstuk verkoopt? ‘Nee, zegt Vogels beslist. Want deze vaas is onlosmakelijk verbonden met de geschiedenis van Gouda en hoort echt in dit museum thuis. Wat overigens niet wegneemt dat Vogels de verkoop van Dumas’ schilderij erg pijnlijk vond. “Ik heb het nota bene zelf in 1988 bij de galerie in Amsterdam voor het museum gekocht en niet met de intentie om het later weer te verkopen”. (zie dossier 08120 voor een kopie van het artikel met foto)
- Tekstentekst tentoonstelling 'Henri Breetvelt - eigenzinnige ontwerper' (2024) NL
Henri Breetvelt - Eigenzinnige ontwerper
Henri Breetvelt (1864-1923) was een teruggetrokken man, maar in zijn plateelontwerpen kon hij zich uitleven. Vanaf 1900 werkte hij twee jaar in dienst als ontwerper en schilder voor de Koninklijke Plateelbakkerij Zuid-Holland. Na wat omzwervingen bij andere fabrieken keerde hij in 1916 terug naar de Goudse fabriek. Daar kreeg hij tot zijn overlijden de artistieke leiding en een eigen atelier.
Breetvelt werd ‘sierkunstenaar’ genoemd: een kunstzinnig ontwerper die experimenteerde met materiaal, techniek en design. Dit zie je terug in de enorme variatie aan ontwerpen. Soms met natuurgetrouwe flora en fauna, soms met abstracte decors (beschilderingen) waarvoor hij zich liet inspireren door de opkomende moderne kunst. Hier zie je een doorsnede van Breetvelts ontwerpen voor Plateelbakkerij Zuid-Holland, van natuurgetrouw tot zeer experimenteel. Heel divers, maar altijd volkomen origineel.
Organische ontwerpen
Het lijken net cellen, op het paarsgele vaasje. En zijn dat bloembladeren tegen die blauwe achtergrond? Henri Breetvelt combineerde zijn voorkeur voor natuurlijke motieven met zijn interesse in moderne kunst op ontwerpen als deze. Abstracte patronen die tóch iets organisch hebben. Een beetje als cellen, of als zelfverzonnen planten, maar rijker van kleur en met duidelijke omtreklijnen getekend. In decors als deze zijn sporen van de art nouveau duidelijk herkenbaar. - tekst tentoonstelling 'Henri Breetvelt - eigenzinnige ontwerper' (2024) ENG
Henri Breetvelt - Idiosyncratic designer
Although a reclusive man, Henri Breetvelt (1864-1923) could express himself in his ceramic designs. From 1900, he worked for two years as a designer and painter for the Koninklijke Plateelbakkerij Zuid-Holland (‘Royal Pottery Factory Zuid-Holland’ ). After spending some time at other factories, he returned to the Gouda factory in 1916, where he was given his own studio and remained as artistic director to the end of his days.
Breetvelt was called a ‘decorative artist’: an artistic craftsman who experimented with material, technique and design. This is reflected in the huge variety of decorations that sometimes feature true-to-life flora and fauna, and other times abstract compositions (paintings) for which he drew inspiration from the recent modern art movement. The objects presented here offer a cross-section of Breetvelt’s very diverse yet always completely original designs for the Zuid-Holland factory, from true-to-nature to highly experimental.
Organic designs
The patterns on the purple-yellow vase almost resemble cells. And are those flower petals on that blue background? Henri Breetvelt combined his preference for natural motifs with his interest in modern art in designs like these to create abstract yet still organic patterns. A bit like cells, or imaginary plants, but richer in colour and drawn with clear outlines. The influence of Art Nouveau is clearly recognisable in decorations such as these. - objecttekst
Vaas voorzien van abstract decor, circa 1916-1923 fabriek: Plateelbakkerij Zuid-Holland, Gouda ontwerp: Henri L.A. Breetvelt (1874-1923) modelnummer: 1218 signatuur: Breetvelt inv.nr. 08210 (schenking 1987)


