- Objectnummer54583
- TitelTiendewegspoort Buiten.
- Vervaardigerzonder naam (ontwerper),
- Datum
circa 1800 - circa 1825
- Beschrijving
Tiendewegspoort Buiten, stadspoort van Gouda. Tekening van de buitenzijde van de Tiendewegspoort met twee torens en de ophangbrug. Middenboven de poort een nis waarin een sculptuur staat. Architectuurtekening, gewassen met lichte kleuren.
- Nu niet te zien in het museum
- Soort object
- CollectieGouda in beeld
- Trefwoordenstadspoorten, Gouda
- Materiaal
- Techniek
- Formaat
- hoogte: 19.00 cm
breedte: 13.90 cm - Opschrift(en)
- soortopschrift
- positievoorkant, middenonder
- inhoud{\rtf1\ansi\ansicpg1252\deff0\deflang1043{\fonttbl{\f0\fswiss\fprq2\fcharset0 Segoe UI;}} \viewkind4\uc1\pard\f0\fs18 Tiendewegs- Poort\par buiten.\par }
- soortopschrift
- positieachterkant
- inhoud{\rtf1\ansi\ansicpg1252\deff0\deflang1043{\fonttbl{\f0\fswiss\fprq2\fcharset0 Segoe UI;}} \viewkind4\uc1\pard\f0\fs18 Top. Gouda\par }
- Tentoonstelling(en)Van wallen, vesten & harkieren. Goudse stadspoorten op papier.2004-09-10 / 2005-01-09Museum Gouda
- LiteratuurAchter de tralies.Abels, Paul H.A.M.pag. 29-31Artikel in het tijdschrift Tidinge, 2010, nummer 1.
- Van wallen, vesten en harkieren. Goudse verdedigingswerken door de eeuwen heen.Sprokholt, Henkjanpagina 69 (afbeelding)
- Gouda. De Nederlandse monumenten van geschiedenis en kunst.Denslagen, WimPag. 85, 88, 89, 140 en 143.
- Documentatie
In 1392 is in de archieven voor het eerst sprake van de Tiendewegspoort. Het imposante bouwwerk werd toen wel ‘Het Steen” genoemd. De twee wachttorens hadden een doorsnee van 5 meter en waren 21 meter hoog. De aangrenzende poortgebouwen bestonden uit twee tegenover elkaar liggende, overwelfde gedeelten. Ze waren elk 10.50 mtr breed, 10,50 mtr lang en 16.80 mtr hoog. Aan de veldzijde van het complex werd in de zestiende eeuw een ravelijn (bolwerk) aangelegd. De Tiendewegspoort heeft naast zijn verdedigende, controlerende en representatieve functie voor de stad meerdere andere bestemmingen gehad. In de zestiende eeuw diende de poort als tijdelijke opvang voor ‘dullen’ (geesteszieken) in aanloop tot de overdracht van die taak aan het Catharinagasthuis en tot de afbraak is de poort in gebruik geweest als gevangenis en castimentshuys. De Tiendewegspoort was berucht vanwege de aanwezigheid van een ‘examineercamere’ met daarin een pijnbank om bekentenissen af te dwingen. Historische gevangenen waren o.a. de doopsgezinde Faes Dirxz, hij bekende in 1570 ketter te zijn en werd na zijn bekentenis op de markt ter dood gebracht. In 1623 zat Jezuïeten pater Petrus Maillart er een jaar lang opgesloten in een “duyster diep stinkend kot” voordat hij verbannen werd. De poort had bijnamen als het Steen, Warmoespot en Patersgat, allen verwijzend naar de gevangenisfunctie ervan. De Tiendewegspoort zou tot 1854 als gevangenis dienst blijven doen en werd mede daardoor als laatste Goudse stadspoort na openbare verkoop afgebroken. (Imelda van der Linden 2024)

